Wie houdt van fietsen en historie, moet echt eens een bezoek brengen aan het Nationaal Fietsmuseum Velorama in Nijmegen. Dat hoort eigenlijk gewoon bij je opvoeding. Deze particuliere fietscollectie is vooral gericht op de eerste eeuw van de ontstaansgeschiedenis van de fiets, welke begon in 1817. De fiets bestaat dus ‘slechts’ bijna 202 jaar! De kerncollectie gaat tot omstreeks 1900 en van de jaren daarna toont het Velorama slechts een aantal speciale fietsen en rijwielen van enkele bekende mensen.

Naar eigen zeggen is Velorama het enige permanente fietsmuseum in Nederland en hebben ze de grootste en belangrijkste fietscollectie ter wereld. Er zijn veel houten rijwielen te bewonderen en de liefhebber van mooi smeedwerk zal zijn ogen uitkijken bij de fietsen uit de periode van de industriële revolutie. Het museum is niet bijzonder groot, maar er is desondanks zóveel te zien, vooral als je inzoomt op de vele mooie details, dat je je er rustig een paar uur kunt vermaken.

Velorama fietsmuseum Nijmegen

SintChristophorus.nl kreeg een rondleiding met toelichting van één van de bevlogen vrijwilligers, waarvan je hieronder een impressie in woord en beeld kunt zien. Nu kan ik in mijn enthousiasme de hele geschiedenis van de fiets gaan uitschrijven en over iedere gefotografeerde fiets een gedetailleerd verhaal typen, maar dan wordt dit artikel veel te lang. Ik zal moeten proberen het kort te houden, want je wilt straks gewoon lekker zelf bij Velorama gaan kijken. Het is echt een genot om de vele verschillende vormen van aandrijving, remmen, besturing, vering, versnellingen, wielopstellingen, materiaalgebruik en frameconstructies te bestuderen. Een dagje Velorama zal ervoor zorgen dat je je eigen trouwe fietsje nóg meer waardeert!

 

Velorama begane grond

Op de begane grond vind je de loopfietsen (draisines),  bottenschudders (vélocipèdes) en de eerste houten Hoge Bi’s. Verder een collectie van drie- en vierwielers in verscheidene uitvoeringen. Pas toen het zelfbalancerend vermogen van de tweewielige fiets met een schuingeplaatst balhoofd en voorvork met naloop werd uitgevonden, kregen de tweewielers de overhand. In de vroege periode wordt er voor de frames en wielen nog veelvuldig gebruik gemaakt van hout. De wielen zijn niet meer dan lichtgewicht koetswielen met “banden” van staal of massief rubber.

 

Velorama eerste verdieping

Op de eerste verdieping staat de collectie hoge bi’s. Eén exemplaar heeft een voorwiel van maar liefst 60 inch! Daarnaast een uitgebreide collectie “high wheel safety” modellen (minder hoge Bi, vaak met overbrenging) en zelfs een “dicycle”, een fiets met twee wielen naast elkaar. Na de Hoge Bi gaat de aandrijving naar het achterwiel en ontstaat de huidige fiets. De meeste rijwielen op deze verdieping zijn voorzien van massief rubberen banden en ijzer is nu het hoofdmateriaal. De liefhebbers van mooi smeedwerk en bijzondere mechanieken kunnen hier hun hart ophalen.

Er staan ook een paar rariteiten, zoals de geflopte monorail-fiets van Hotchkiss en een houten fiets die ‘gekweekt’ is van takken. Deze unieke driewieler is omstreeks 1890 gebouwd door de Fransman Gardais a Couhe uit Limousin. Hij had zijn zinnen gezet op het bouwen van een tweewieler die exclusief uit natuurlijk gevormde takken moest bestaan, behalve dan het trapstel en de ketting. Voor de spaken in de wielen zocht hij tien jaar lang naar de juiste gevorkte takken.

 

Velorama tweede verdieping

Op de tweede verdieping zijn de luchtbandfietsen te zien. Niet zozeer de gewone luchtbandfietsen met de diamantframes zoals we die nu allemaal hebben, maar speciale modellen met afwijkende framevormen en bijzondere technieken. Daarnaast is er een hoek gevuld met oorlogsfietsen en een collectie lig- en vouwfietsen. Ook zijn er een paar fietsen van bekende personen te zien, zoals de fiets waarmee Wim van Est in het ravijn stortte tijdens de Tour de France en een loopfiets van Koning Willem II. En… de bij de wereldfietsers beroemde, oude Gazelle Champion Mondial van Frank van Rijn. Inclusief volledige bepakking!

In de vitrines liggen tal van accessoires en onderdelen die de ontwikkeling laten zien van onder andere de fietsverlichting en versnellingssystemen. Het meest interessante op de bovenste verdieping is misschien wel de verzameling bracket-versnellingsbakken. Het Duitse Pinion is nu erg actueel met zijn 6- tot 18-speed versnellingsbakken, maar ze zijn bij lange na niet de eerste die met bracket-transmissies werken! Al in de jaren ’30 waren er al meerdere merken mee bezig. Het Velorama heeft een aantal opengewerkte framedelen staan met ingebouwde transmissies die allemaal werken! Erg interessant!

Dit was slechts een kleine greep uit de Velorama-collectie. Ik zou zeggen, ga snel in Nijmegen kijken! Het Velorama is iedere dag van de week open. Zie de exacte openingstijden hier.

Een bezoek kost slechts €5,- p.p. en dan moet je op eigen gelegenheid rondscharrelen en alle informatie op de bordjes bij de fietsen lezen. Een rondleiding met toelichting van één van de vrijwilligers is echter bijzonder interessant en leerzaam, maar dat doen ze nog sporadisch en alleen op afspraak met groepen.

Wie van jullie heeft er zin in de groepsrondleiding? Laat het mij weten in de reactieruimte hieronder of per mail en dan zal ik eens kijken of we er een SintChristophorus-uitje van kunnen maken!

One Reply to “Bezoektip: Velorama fietsmuseum”

  1. Peter says:

    Mooi om te zien, al die technieken uit het verleden. Opvallend om te zien dat vele technieken die je op huidige fietsen tegenkomt, al lang geleden zijn bedacht. Zoals versnellingen bij de trapas, veer constructies, firmtech remmen etc.
    Ik ga zeker een keer bij Velorama op bezoek.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *